
Iedereen kan wel eens wat hulp gebruiken. Iedereen heeft op een zeker moment wel een steuntje in de rug nodig. Behoefte aan een brede schouder, een luisterend oor, een helpende hand.
Alleen voelen
Man, wat voelde ik me alleen. Mijn zus was overleden. En niemand anders was haar zús kwijt geraakt, behalve ik. Niemand wist echt, voelde echt of begreep echt wat ik voelde en voel.
Natuurlijk mijn ouders hadden ook hun verdriet, maar zij waren allebei hun dóchter kwijt geraakt, hadden dezelfde herinneringen van haar als baby, als peuter, kleuter, puber, etc.
Natuurlijk kon ik wel met hen over haar praten, maar het waren ándere herinneringen. Niet die herinneringen die ik had met mijn zus, toen wij kind, puber of student waren. En zij wisten zeker niet over die gesprekken die wij als kinderen voerden juist over hén. En toen mijn moeder 2 jaar later ook kwam te overlijden had ik nieuw verdriet, maar nog een persoon minder waarmee ik over mijn zus kon praten.
En natuurlijk kon ik wel met de vrienden van mijn zus over haar praten. Maar ook dat was anders; andere momenten, andere levensfases, en als ‘zusje van’ was ik zeker ook niet overal bij aanwezig (geweest). En die vrienden herkenden zich vooral in elkaar met het gedeelde verdriet. Dus dat was ook anders.
Terwijl het zelfs al merkbaar was dat de vrienden van mijn zus uit haar studententijd een andere relatie met haar hadden, met andere herinneringen als de vrienden van zeg maar de laatste 3 jaar. Maar toch, zij hadden elkaar. Zij hadden allen een vriendin verloren.
Ik had natuurlijk ook mijn eigen vrienden, waarmee ik kon praten. Maar zij kenden mijn zus weer niet zo goed omdat zij ‘als grote zus van haar’ ook niet overal bij aanwezig (geweest) was.
En het leven van die vrienden ging gewoon door. Ik wilde hen ook niet steeds lastig vallen met mijn verdriet. Of ik wilde het die avond juist gezellig en luchtig houden. Even geen verdriet. En ‘gelukkig’ had ik een vriendin, die een kleine 2 weken later haar vader verloor, om mee te praten. En ook nog een vriendin die 10 jaar eerder haar moeder had verloren. En nog meer vrienden met vergelijkbare ervaringen. Maar toch, het was anders en ze kenden niet mijn zus zoals ik haar ken.
Zelfs mijn schatje en dochtertje waren geen steun in die zin om echt over het verdriet, het verlies, de rouw zelf te praten; want hij kende het fenomeen rouw nog niet, hij stond anders in relatie tot mijn zus, anders in relatie tot verdriet, rouw, verlies en zij was simpelweg nog te klein.
Rouw, verdriet, verlies, het is zo universeel en tegelijkertijd zo uniek
Man, wat voelde ik me alleen staan.
Ik weet het (nu), je alleen voelen is wat anders dan alleen zijn. Iedereen maakt verlies mee. Een open deur wellicht, maar dit inzicht alleen al heeft mij geholpen. Er zijn meerdere mensen die verdriet om haar hebben. Er zijn meerdere mensen die hun zus zijn verloren. Er zijn meerdere mensen die verdriet hebben. Ik ben daarin zeker niet alleen. Ik ben niet uniek (ook al voelt dat soms zo). Maar iedereen heeft zijn eigen manier van rouwen. In die zin is rouw universeel én uniek.
Ik weet het (nu), ik had en heb zeker wel steun. Van mijn vrienden, mijn partner, in zekere zin mijn dochtertje, mijn familie, enkele collega’s, enkele vrienden van mijn zus en zelfs coaches. Ik had dat steuntje in de rug nodig en kreeg ‘m ook. Want rouwen doe je weliswaar persoonlijk en zelf, maar wel samen en hoeft niet alleen.
Een helpende hand, een schouder om op uit te huilen, een luisterend oor, gewoon aanwezigheid, een arm om je heen, een knuffel, even oogcontact, een warme, begrijpende blik.
Steun is onontbeerlijk. En die steun hoeft niet groots en meeslepend te zijn.

